Een dier overnemen of overdragen: registratie en vervoer

Laatst bijgewerkt:

Neem je een schaap, geit, varken, alpaca of bijenvolk over, dan heb je eerst een UBN van RVO nodig voor de plek waar het dier komt. Bij schapen en geiten melden beide houders binnen 7 kalenderdagen in I&R dat het dier vertrekt en aankomt. Varkens meld je binnen 2 werkdagen bij een databank. Komt een dier uit een ander EU-land, dan hoort er een diergezondheidscertificaat bij.

Instanties: RVO, NVWA

Neem je een dier over of gaat een dier van jou naar iemand anders, dan moet je ook de registratie en het vervoer regelen. Voor de meeste landbouwhuisdieren (zo heten deze dieren in de wet) moet RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland) weten waar het dier is. Dat heet I&R (identificatie en registratie: je dieren merken en registreren bij RVO). Daarnaast zijn er regels voor het vervoer, en voor dieren die de grens over gaan. Deze regels staan in Europese verordeningen en in de Nederlandse regelgeving die RVO en de NVWA (Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit) uitvoeren. Ze gelden ook als je de dieren als hobby houdt.

Dieren zijn juridisch geen zaken. Het Burgerlijk Wetboek maakt onderscheid tussen dieren en zaken zoals een auto of een huis (artikel 3:2a). Toch gelden de regels over zaken, zoals eigendom en koop, meestal ook voor dieren. Hieronder lees je wat dat betekent bij een overdracht, welke algemene regels gelden en wat je per diersoort moet regelen. Zoek je nog een dier dat een nieuw thuis zoekt? Lees dan eerst dieren adopteren.

Wat regel je altijd bij overnemen of overdragen?

Een UBN vóór de dieren komen

Wie runderen, varkens, schapen, geiten, paardachtigen, bijen, hommels, herten of kameelachtigen houdt, heeft een UBN (Uniek Bedrijfsnummer, het registratienummer van RVO voor de plek waar je dieren houdt) nodig. Dit geldt ook voor één dier dat je als hobby houdt. Vraag het UBN aan voordat de dieren komen. Hoe dat gaat, staat bij UBN aanvragen.

Mag je het dier wel houden?

Je mag alleen zoogdieren houden die op de huis- en hobbydierenlijst staan. Schaap, geit, varken, alpaca, lama, ezel, paard, rund en konijn staan erop. Van de herten staat alleen de Chinese waterree erop; damherten en edelherten mag je houden door een vrijstelling.

Vervoer: de Transportverordening

Voor het vervoer van gewervelde dieren geldt de Europese Transportverordening (Verordening (EG) 1/2005), maar alleen bij vervoer ‘in het kader van economische bedrijvigheid’. Dit begrip heeft geen vaste definitie. Volgens de NVWA valt er bijvoorbeeld betaald vervoer onder, en het vervoer van koeien, geiten, schapen, varkens of pluimvee die ‘als productiedier’ worden gehouden.

Wat betekent dat in de praktijk?

  • Een korte rit met je eigen dieren en vervoermiddel. Vervoer je je eigen dieren met je eigen vervoermiddel over ten hoogste 50 kilometer van je locatie, dan gelden alleen de algemene voorwaarden. Je mag dieren dan niet vervoeren als ze daardoor ‘onnodig of extra lijden of gewond kunnen raken’. Speciale documenten op grond van de Transportverordening zijn dan niet nodig.
  • Vervoer dat niet onder de verordening valt. Dan heb je geen vervoerdersvergunning of andere speciale documenten nodig. Ga je naar het buitenland, dan wel een diergezondheidscertificaat en een basisregistratie als vervoerder.
  • Vervoer dat wel onder de verordening valt. Bij minder dan 65 kilometer heb je een vervoersdocument nodig. Voor langere ritten komen er een vervoerdersvergunning en meer documenten bij.

Of het ophalen van een paar schapen bij een andere hobbyhouder onder economische bedrijvigheid valt, is onduidelijk. Laat de NVWA beoordelen welke vervoerseisen in jouw situatie gelden. Los daarvan eist RVO bij schapen, geiten en varkens altijd een vervoersdocument; zie hieronder.

Wat zegt de wet over de overdracht?

Dieren zijn juridisch geen zaken. Toch gelden veel bepalingen over zaken ook voor dieren, voor zover andere wetten en regels dat toelaten (Burgerlijk Wetboek, artikel 3:2a). Welke eisen er bij de overdracht aan een overeenkomst worden gesteld, zoals een koopovereenkomst, is in de gecontroleerde I&R-informatie niet uitgewerkt. Vraag een juridisch adviseur welke afspraken in jouw situatie nodig zijn.

Een schaap of geit overnemen of overdragen

Alle schapen en geiten in Nederland moeten geregistreerd zijn en 2 identificatiemiddelen dragen. Gaat een dier naar een andere houder, dan regel je het zo:

  1. De houder bij wie het dier weggaat, doet een afvoermelding in I&R, binnen 7 kalenderdagen nadat het dier is weggegaan.
  2. De nieuwe houder doet een aanvoermelding, binnen 7 kalenderdagen na de aankomst. Je hebt daarvoor het UBN, het levensnummer van het dier en de datum van aankomst nodig. Melden doe je via Mijn RVO of een bedrijfsmanagementsysteem.
  3. Bij het transport hoort een vervoersdocument, ook als je de melding vooraf volledig in I&R hebt gedaan. Een papieren vervoersdocument bewaar je minimaal 3 jaar.
  4. Beide houders houden een bedrijfsregister bij (zo heet het register ook als je geen bedrijf hebt) en bewaren hun register minimaal 3 jaar na de laatste aanpassing.

Heeft de andere houder nog niet gemeld, dan houdt jouw melding de status Voorlopig. Gaat een dier dat net bij je is gekomen binnen 7 kalenderdagen weer weg, doe dan de aanvoermelding voordat het dier weggaat. Is een lam nog niet gemeld en gaat het weg, dan doe je de geboortemelding vóór het vervoer.

Meer over merken en melden staat bij UBN aanvragen voor schapen en UBN aanvragen voor een geit. Zie ook schapen houden en geiten houden.

Een rund overnemen of overdragen

Elk rund heeft 2 oormerken met hetzelfde levensnummer. Gaat een rund naar een andere houder, dan meldt de vorige houder binnen 3 werkdagen dat het is weggegaan (de afvoermelding) en de nieuwe houder dat het is aangekomen (de aanvoermelding). Voor de aanvoermelding heb je het UBN van herkomst, het levensnummer en de datum nodig. Een rund uit een ander EU-land heeft een runderpaspoort bij zich; dat bewaar je bij je bedrijfsregister. Gaat een rund naar het buitenland, dan vraag je in I&R een runderpaspoort aan. Alles over merken en melden staat bij UBN aanvragen voor een koe. Zie ook koe houden.

Een varken overnemen of overdragen

Ook met één hobbyvarken meld je verplaatsingen binnen 2 werkdagen bij een databank. RVO heeft daarvoor twee databanken aangewezen: de POV (Producenten Organisatie Varkenshouderij) en VIVA Veterinary.

  • Het vervoer mag alleen plaatsvinden van en naar een adres met een UBN.
  • Met een RE-status (hobbyhouder) heb je geen toestemming voor vervoer nodig. Andere varkensbedrijven vragen voor de meeste ritten vooraf toestemming aan bij de databank; die is 7 dagen geldig.
  • Aankomst en vertrek meld je altijd apart bij de databank.
  • Een vervoersdocument vraag je aan bij de databank. Meld je vooraf digitaal en kun je dat laten zien, dan is papier niet nodig.

Lees verder bij hobbyvarken registreren en varken houden. Bij een uitbraak van Afrikaanse varkenspest kunnen extra regels gelden.

Een paard of ezel overnemen of overdragen

Neem een paard, pony of ezel alleen over met een geldig, origineel paspoort. Kijk of het chipnummer in het dier gelijk is aan het nummer in het paspoort. Met het chipnummer zie je op de site van RVO of het paard bekend is in I&R. Blijft het dier 30 dagen of langer bij je, dan doe je binnen 7 kalenderdagen een aanvoermelding; de vorige houder meldt dat het weggaat. Het paspoort is geen eigendomsbewijs: een nieuwe eigenaar hoef je er niet in te laten zetten. Zo regel je het als je een paard overneemt; voor een ezel gelden dezelfde regels (zie ezel houden).

Kippen en ander pluimvee overnemen of overdragen

Heb je minder dan 250 stuks pluimvee, dan hoef je niet door te geven welke dieren bij je komen of weggaan. Vanaf 250 stuks pluimvee meld je verplaatsingen in KIP, de databank van Avined, binnen 5 werkdagen. Lees meer bij kippen registreren en kippen houden. Eenden tellen voor die grens mee, ganzen niet; zie eenden en ganzen houden. Bij vogelgriep kunnen er regels gelden voor vervoer en tentoonstellingen; zie ophokplicht kippen.

Een alpaca of lama overnemen of overdragen

Voor kameelachtigen (alpaca, lama, kameel, dromedaris, vicuña) doe je geen meldingen in I&R. Wel:

  • Een alpaca of lama krijgt binnen 9 maanden na de geboorte een chip van de dierenarts, en in elk geval vóór het dier de locatie verlaat. Je mag de chip niet zelf inbrengen.
  • Gaat een dier weg van je locatie, dan noteer je in je eigen administratie het chipnummer, de datum waarop het weggaat en het UBN van bestemming. Bij aankomst noteert de nieuwe houder het chipnummer, de datum van aankomst en het UBN van herkomst.

Meer bij alpaca registreren en alpaca houden.

Een hert overnemen of overdragen

Neem je een hert over, controleer dan of het een soort is die je mag houden: een damhert, edelhert of Chinese waterree. Bij een andere soort moet de vorige eigenaar je het bewijs geven dat het dier er al vóór 1 juli 2024 was; zonder dat bewijs geldt het overgangsrecht niet meer. Ook voor herten heb je een UBN nodig. Meer bij herten houden.

Een konijn overnemen of overdragen

Voor konijnen die je als huisdier houdt, regel je geen UBN en geen meldingen. Wel mag een jong konijn volgens de wet pas op een leeftijd van 6 weken van zijn moeder worden gescheiden. Meer bij konijnen houden.

Een bijenvolk overnemen of overdragen

Voor bijen registreer je bij RVO de locatie waar je volken in de winter staan, de winterstalling. Verplaats je volken in het seizoen, dan houd je adres en periode bij in je eigen administratie. Volgens de Regeling houders van dieren meld je de overdracht van een volk aan een andere imker niet bij RVO: de meldplichten in I&R gelden niet voor bijen. De nieuwe imker heeft een UBN nodig voor de plek waar het volk op de peildatum staat. Wie het volk overdraagt, noteert in zijn eigen administratie de plaats van bestemming en de datum, binnen 3 werkdagen, en bewaart dat minstens 3 jaar. Meer bij bijenvolk registreren en bijen houden.

Dieren uit of naar het buitenland

Een dier uit een ander EU-land halen. De verantwoordelijke exploitant moet ervoor zorgen dat de zending voldoet aan de Europese eisen voor diergezondheid. Dat kun je zelf zijn, maar ook de leverancier. De exploitant vraagt een gezondheidscertificaat aan in het land van verzending. De zending moet in TRACES staan (het Europese systeem voor diergezondheidscertificaten), het dier en het vertrekadres moeten goed geregistreerd zijn, en het vervoer moet voldoen aan de Transportverordening. De NVWA controleert steekproefsgewijs op de plaats van bestemming.

Een schaap of geit uit een ander EU-land houdt zijn eigen oormerk. Je meldt het binnen 7 kalenderdagen aan met een importmelding, met het nummer van het gezondheidscertificaat. Voor bijen, herten en kameelachtigen heb je bij import en export uit of naar een EU-land een UBN nodig, ook voor het certificaat.

Een dier naar een ander EU-land brengen. Daarvoor heb je een diergezondheidscertificaat nodig, aangemaakt in TRACES. Je hebt een UBN nodig en vraagt een exportkeuring aan in MijnNVWA. Een dierenarts van de NVWA controleert de dieren. Je betaalt de NVWA voor dit werk. Schapen en geiten die met een tatoeage zijn gemerkt, mag je niet naar een ander EU-land brengen zonder ze opnieuw te merken.

Veelgemaakte fouten en misverstanden

  • ‘De vorige houder regelt de melding wel.’ Bij schapen en geiten melden beide houders. Je blijft zelf verantwoordelijk, ook als je iemand machtigt.
  • ‘Als hobbyhouder hoef ik niets te melden.’ De I&R-regels gelden ook voor hobbyhouders, behalve bij pluimvee onder 250 stuks pluimvee.
  • ‘Ik vraag het UBN aan als het dier er is.’ Vraag het UBN aan voordat de dieren komen.
  • Pluimvee: vanaf of boven de grens? RVO schrijft op de pagina over pluimvee melden dat de meldplicht geldt vanaf 250 stuks pluimvee. Op de pagina over het UBN staat dat je een UBN voor pluimvee nodig hebt als je ‘meer dan’ dat aantal houdt. De wettelijke regeling hanteert dezelfde grens als de meldpagina: ook bij precies dat aantal geldt de meldplicht. Zie de uitleg op kippen registreren.
  • België. In België gelden andere registratieregels en instanties. Deze pagina gaat over Nederland.

We controleren de regels en leggen uit wat ze voor je betekenen. Voor advies over jouw situatie kun je terecht bij je dierenarts, je gemeente of een deskundig adviseur.

Veelgestelde vragen

Wat moet ik regelen als ik een schaap overneem?

Vraag eerst een UBN aan bij RVO voor de plek waar het schaap komt. Het schaap moet al 2 identificatiemiddelen hebben. Na de aankomst doe je binnen 7 kalenderdagen een aanvoermelding in I&R via Mijn RVO. Bij het vervoer hoort een vervoersdocument, en je houdt een register van je dieren bij (het bedrijfsregister).

Wie meldt het bij RVO als een schaap of geit naar een andere houder gaat?

Allebei. De houder bij wie het dier weggaat, doet een afvoermelding. De nieuwe houder doet een aanvoermelding. Dat doe je allebei binnen 7 kalenderdagen. Heeft de ander nog niet gemeld, dan blijft de melding op de status Voorlopig staan. Je blijft zelf verantwoordelijk voor je eigen melding.

Mag ik mijn eigen dieren zelf vervoeren?

Ja. Vervoer je je eigen dieren met je eigen vervoermiddel over ten hoogste 50 kilometer van je locatie, dan gelden alleen de algemene voorwaarden van de Transportverordening en heb je geen speciale documenten nodig. De I&R-regels eisen bij verplaatsing van schapen, geiten en varkens wel altijd een vervoersdocument.

Moet ik het melden als kippen naar een andere houder gaan?

Niet als je minder dan 250 stuks pluimvee hebt. Dan ziet RVO je als hobbyhouder en hoef je niet door te geven welke dieren bij je komen of weggaan. Met meer pluimvee meld je verplaatsingen bij Avined.

Wat heb ik nodig om een dier uit een ander EU-land te halen?

Een diergezondheidscertificaat, aangevraagd in het land waar het dier vandaan komt, en de zending moet in TRACES staan. Dat regelt de exploitant: dat kun jij zijn of de leverancier. Je hebt ook een UBN nodig. Een schaap of geit uit het buitenland meld je binnen 7 kalenderdagen aan in I&R, met het nummer van het certificaat.

Bronnen

Laatst bijgewerkt: